| |
te koop op bol.com |
| Titel |
Recensie |
|
Het liefdesgedicht, het gedicht dus waarin op een of andere wijze van de liefde wordt getuigd voor de ander, is in de poëzie van Leonard Nolens een veel voorkomend genre. Hij heeft er nu een aantal, zeker niet alle, bij elkaar geplaatst en die geven een goede indruk van zijn, nooit ongecompliceerde, liefdesgevoelens. De intense behoefte aan eenzaamheid is strijdig met de even intense behoefte aan bij mekaar zijn. Op afstand worden briefgedichten geschreven of gedichten waarin het verlangen naar elkaar het onderwerp is. Tegelijkertijd is er de onmacht, het gevoel te falen in de liefde, omdat het besef heerst dat niemand de ander echt kan bereiken. Nolens is de dichter bij uitstek van alle existentiële gevoelens die gepaard gaan met de liefde, van angst tot verrukking, van verlangen tot smart. 'En zoenend en stom onderzoeken je lippen / De sombere man die jou zwijgend staat aan te blaffen / Met liefdesgedichten'. En een vraag als deze: 'Hoe ver mag ik gaan, hoe ver in alleenzijn, hoe diep, / En zonder dat ik straks uit haar gezicht verdwijn?' Het liefdesgedicht is bij Nolens ook en vooral zelfonderzoek. |
| |
|
|
'Als mijn poëzie al "ergens over gaat",
is dat het onverbiddelijk voorbijgaan van de tijd, waarvan
de ogenschijnlijke thema's liefde, verlies en dood slechts
de symptomen zijn. Toch zou ik geen gedicht hebben geschreven
zonder de liefde, en zou een bloemlezing van mijn liefdesgedichten
evengoed kunnen samenvallen met mijn verzameld werk.'
Aldus Jean Pierre Rawie (1951). |
| |
|
|
Meestal is het de liefde, de ontdekking
van een ziel in andermans ogen, die ons aan het dichten
zet - in welke gedaante die liefde zich ook aan ons voordoet.
In deze bundel verzamelde dichter Willem Wilmink de mooiste
liefdesgedichten uit de Nederlandse poëzie.
Van de onverbloemde erotiek van de Middeleeuwen tot
de zeventiende-eeuwse liefde, gedoemd te mislukken vanwege
de grote standsverschillen. Van Hendrik de Vries, die
de natuur zo prominant naar voren haalt, tot Piet Paaltjens,
die achter zijn grappen zijn ernst verbergt. Van Hooft
en Gorter, beiden gelukkige minnaars, tot Slauerhoff
en Nijhoff, de dichters van het menselijk tekort. |
| |
|
|
Lange tijd golden de Middeleeuwen in de literatuur als
een duizend jaar lange, duistere periode tussen de stralende
klassieke Oudheid en de o zo moderne Renaissance. Het
algemene beeld was dat van een millennium dat, enkele
uitzonderingen daargelaten, voor de literatuur verloren
was.
Maar toen kwam Gerrit Komrij in 1994 met de grootste bloemlezing
uit de middeleeuse poëzie ooit verschenen. In meer
dan duizend bladzijden toonde hij de Middeleeuwen als
een sprankelend tijdperk van stiekeme nachtelijke ontmoetingen,
ridderslagen, banketten, droeve minnepijnen en zoete mijmeringen
van doldwaze, zwervende avonturiers. En de tijd is niet
stil blijven staan: aangemoedigd door Komrij's pionierswerk
zijn de laatste jaren veel nieuwe gedichten gevonden.
Uit deze nieuwe gedichten en uit zijn grote meesterwerk
stelde Gerrit Komrij 'Hebban olla vogala' samen,
een bloemlezing van de mooiste liefdesgedichten uit de
Middeleeuwen. Van Hendrik van Veldeke tot Anthonis de
Roovere rijst een schitterend en levend beeld op van de
middeleeuwse liefdespoëzie, die tot op de dag van
vandaag inspirerend en verrassend is. |
| |
|
|
Breytenbach (1939, dichter, prozaist, beeldend kunstenaar,
oud-verzetsman en voormalig politiek gevangene) is een
veelzijdig en belangwekkend kunstenaar. In deze bundel
wordt een ruime keuze uit zijn poezie gepresenteerd rond
het thema Liefde, in het oorspronkelijke Afrikaans zonder
vertaling. Breytenbach schrijft ook in het Afrikaans moeilijke
gedichten. De goede verklarende woordenlijst achterin
maakt die gedichten voor ons nauwelijks eenvoudiger. Breytenbach
dicht met een bont palet aan taalmogelijkheden. Een vertaling
erbij was daarom zeer welkom geweest. Dit neemt niet weg
dat Breytenbachs poezie met wat moeite zeer genietbaar
is. Hij hoort zonder twijfel tot de belangrijkste dichters
van het Zuid-Afrikaanse (en dus ook deels Nederlandse)
taalgebied. |
| |
|
|
Er zijn eigenlijk maar twee grote thema's in de literatuur:
liefde en dood. Daarom is het in feite een onmogelijke
opgave om, zoals voor deze bloemlezing gedaan is, een
keuze te maken uit het overweldigende aanbod van liefdesgedichten
uit de Nederlandstalige letterkunde. Voor ieder gedicht
dat er in staat, zou je er elf, twaalf of dertien andere
kunnen opnoemen. Deze selectie van honderd gedichten is
echter tot stand gekomen op basis van een in het najaar
van 2000 gehouden enquete onder de bezoekers van de internetsites
van uitgeverij Podium en boekhandel Boeknet. Dat wil niet
zeggen dat de opgenomen gedichten niet zonder meer prachtig
zijn: tussen het anonieme 'hebban olla vogala..' tot 'Genoeg
gedicht over de liefde voor vandaag' van Hagar Peeters
is uit geen enkele periode een hoogtepunt overgeslagen.
Niet alleen Hooft en Huygens, Feith en Staring, Perk en
Gorter, Van Ostaijen en Leopold, Roland Holst en Slauerhoff,
Claus en De Coninck, maar ook Raymond van 't Groenewoud
en Andre Hazes geven acte de presence, in volgorde van
het aantal stemmen dat ze kregen. Voor een beetje tegenwicht
tegen al te hooggestemde gevoelens zorgen Deelder, Dorrestijn
en Komrij. |
| |
|
| Liefdesbrieven |
|
|
Beschrijvingen zelfhulpboeken
- Jezelf worden en
zijn, zelfvertrouwen, in balans zijn
- Vrijheid
en innerlijke bevrijding
- Verslaving:
algemeen, roken en gokken
- Geluk(kig
worden)
- Emoties: depressie, angst, (werk)stress
en burnout; jaloezie, woede,
ruzie en agressie
- Relaties: liefde, eenzaamheid en scheiding, poëzie, man-vrouw
verschillen
- Therapie kiezen
- Voor en
tegen alternatieve geneeswijzen
|
|
|